Vlak voor de zomer maakten het rijk, de provincie en de stadsregio samen bekend dat de financiering voor het doortrekken van de A15 rond is. Daarmee werd een stap gezet om 14 km nieuwe snelweg aan te leggen, van Bemmel naar de aansluiting op de A12 bij Zevenaar. Op veel gemeentehuizen en het provinciehuis ging die dag de vlag uit. Politici spraken van een zegen voor de regio: de doorgetrokken A15 zou onze regio aantrekkelijker maken. Wij vragen ons af of het echt een feest wordt of dat we afstevenen op een fiasco. Voorlopig laten wij de vlag nog even opgevouwen.

De huidige verbindingsweg van Nijmegen via Arnhem naar het oosten van Gelderland (de Pleijroute) staat vaak vol tijdens de spits. Dit wordt echter veroorzaakt door woon-werkverkeer uit de directe regio, verkeer dat nauwelijks een doorgaande functie heeft. Verkeer dat niet zo snel zal gaan omrijden over de A15. Er werken bijvoorbeeld maar weinig mensen uit Nijmegen in Zevenaar. Zo komen op het lijstje van woonplaatsen van medewerkers van de grootste Nijmeegse werkgever (de Radboud Universiteit en het UMC) plaatsen als Zevenaar of Doetinchem dan ook niet voor. De betekenis van de A15 voor het oplossen van de files bij Arnhem en Nijmegen moeten we niet overschatten.

Een andere reden waarom de snelweg zo belangrijk wordt gevonden is een betere afwikkeling van het vrachtverkeer dat naar Duitsland gaat. Maar hoe groot is de winst dankzij de A15 wanneer er goede alternatieven voorhanden zijn via Oldenzaal (A1) en Venlo (A58/A73)? En laten we het spoor niet vergeten: juist voor containervervoer vanuit de Rotterdamse haven naar het achterland is de Betuwelijn aangelegd. Een nieuwe snelweg zorgt ervoor dat er nog meer verlies op deze spoorlijn wordt gemaakt. En wat te denken van de rivieren in onze regio? Er is nog 10 x zoveel capaciteit op het water voor binnenvaartschepen die schoon en zuinig containers vervoeren. Al met al kan gerust worden gezegd dat voor het vrachtverkeer de A15 geen noodzaak maar een luxe is.

Bovenstaande analyse wint aan kracht als we bedenken dat er tol wordt geheven op de nieuwe A15 om alles te kunnen financieren. Als enige weg in de wijde omtrek moeten automobilisten een bedrag betalen voor het gebruik van deze weg. Meer dan 25% van de investering van 1,1 miljard moet worden terugverdiend door tol. GroenLinks vindt tolheffing een eerlijk principe: de gebruiker betaalt. Maar bij deze snelweg waar zoveel gratis alternatieve wegen zijn, lijkt dit erg onverstandig. In Nijmegen wordt nu al gevreesd voor extra (sluip)verkeer en dat is in Bemmel of Arnhem niet anders.

Vanzelfsprekend hebben wij GroenLinks-politici grote moeite met de aantasting van het open en groene rivierenlandschap in de gemeenten Lingewaard, Duiven en Zevenaar. Koos men bij de aanleg van de Betuwelijn voor een tunnel onder het Pannerdensch Kanaal, nu lijkt men letterlijk voor de gemakkelijke weg te gaan: een goedkope lawaaibrug naast de tunnel voor de trein. Een keuze uit opportunisme en een gebrek aan lange-termijn denken. Ook hebben wij er grote moeite mee dat er 360 miljoen Gelders provinciegeld naar een rijkssnelweg gaat. Veel Gelderlanders zijn het met ons eens dat de provincie veel nuttigere dingen kan doen met dit geld dan meebetalen aan 14 km asfalt.

GroenLinks vindt dat de regio Arnhem-Nijmegen een goede bereikbaarheid verdient. Dat is prettig en belangrijk voor bewoners, bezoekers, werknemers en werkgevers. De onlangs gepubliceerde milieueffectrapportage (MER) biedt de mogelijkheid om eerlijk en zakelijk naar de cijfers van het regioverkeer te kijken. Uit de studie blijkt dat het verbreden van de A12 in combinatie met een stevige impuls voor bus en trein (en later tram) het meest milieuvriendelijk en tegelijk het best betaalbaar is. Ook biedt dit alternatief een perspectief voor de automobilist: het draagt bij aan minder reistijd en files, een betere doorstroming en betrouwbaarheid van het wegennet. Ook in dit scenario treedt een verbetering van de economie op. Op basis van een eerlijke vergelijking, zonder stokpaardjes en bestuurlijke hobby’s kiezen wij voor deze variant. We hopen dat velen ons hierin volgen! 

Dit artikel werd geschreven door de volgende lokale politici die zich namens GroenLinks bezighouden met mobiliteit: Lianne Duiven (Lingewaard), Sjaak van’t Hof (Arnhem), Frans Houben (Beuningen), Marjoleine Snaas (Duiven), Rietje Dellepoort (Zevenaar), Dirk Kuipers (Doetinchem), Kees van Immerzeel (Doesburg), Wouter van Eck (Gelderland), Max Noordhoek (Bronckhorst), Jo Coerwinkel (Ubbergen), Pepijn Boekhorst en Pepijn Oomen (Nijmegen).